De toekomstige literatuurcriticus

In 2015 organiseerde Domein van Kunstkritiek in samenwerking met het Van Abbe museum een Summerschool rondom de collectie van het museum. Een groep professionals onderzocht met hun eigen achtergrond de historie en de actualiteit van de Van Abbe collectie. De achterliggende gedachte van deze drie dagen was dat de reflectie op kunst niet voorbehouden is aan de professionele kunstcriticus. Als ex-student Literatuur en Cultuurkritiek aan de universiteit van Utrecht kreeg ik dus de mogelijkheid om mijn verhaal vanuit mijn eigen achtergrond met andere mensen te delen.

Een van de elementen die in de Summerschool frequent terugkwam, was de zogenaamde ‘Visual Thinking Strategies’ techniek. Dit is een methode waarbij het kritisch denkvermogen en taalgebruik van mensen wordt gestimuleerd door in groepsverband te kijken naar allerlei kunstvormen. De methode is ontwikkeld om het esthetisch begrip bij mensen die weinig ervaring hebben met kunst te vergroten. Deelnemers worden gestimuleerd om nauwkeurig te observeren en te onderbouwen wat ze zien. Iedereen kan dus een oordeel geven over een schilderij, ongeacht hun achtergrond. Het nauwkeurig kijken naar een schilderij levert mooie discussies op. Deze discussies gaan bijvoorbeeld over het kleurgebruik in een schilderij, de diepte, hetgeen wat staat afgebeeld en emotionele bevindingen zoals de persoonlijke betekenis van een schilderij. De observator van het schilderij wordt met deze techniek in zekere mate ook de maker van het schilderij.

Kunst moet niet alleen in het museum blijven, maar mensen moeten het ook via hun gedachten mee naar huis kunnen nemen. De VTS techniek stimuleert interpretatie met als resultaat dat kunst in de gedachten van de mensen blijft voortleven. Dit geldt ook voor de literatuur. Wanneer iemand een roman leest, is het waardevol als diegene daar een aantal jaar later nog over kan spreken en tegelijkertijd kan duiden wat de betekenis en waarde van deze roman is. Om dit te bereiken is het van belang om een roman nauwkeurig te lezen. In deze vluchtige samenleving lijkt het echter steeds moeilijker om begrijpend en analyserend te lezen. Literatuurstudenten vinden het lastig om te bepalen wat er in een goede recensie moet staan. In de collegebanken lezen de studenten lijsten vol met literatuur, krijgen ze hoorcolleges over de waarde van deze romans en schrijven ze academische papers. Zodra ze echter een recensie moeten schrijven en alle opgedane kennis in praktijk moeten brengen, worden de studenten onzeker en weten ze niet precies wat ze moeten doen. Haastig proberen ze er iets van te maken, met als resultaat dat de recensie geen focus heeft en alle kanten op schiet.

Om een goede recensie te schrijven is het eerst van belang om gas terug te nemen. De studenten moeten zich niet meer focussen op de hoeveelheid boeken die ze lezen, maar op de kwaliteit van hun leeservaring. Het is belangrijk om tijd te nemen om een pagina rustig te lezen en jezelf af te vragen: wat zijn mijn eerste gedachtes? Hoe voel ik mij? Wat staat hier nu eigenlijk? De net besproken VTS-methode, die tot nu toe alleen op kunst wordt toegepast, kan dus ook waardevol zijn voor literatuurstudenten. Vanuit mijn eigen ervaring merk ik dat colleges Literatuurkritiek te gefocust op hoorcolleges zijn, met als gevolg dat de studenten te weinig praktijkervaring krijgen. De VTS-methode toepassen in werkcolleges lijkt mij dan ook een stap in de goede richting om de studenten meer aan het werk te zetten en ze op de praktijk voor te bereiden.

De toekomstige literatuurcriticus moet niet alleen leren om een goed oordeel over een roman te geven, maar moet ook rekening houden met het publiek. Literatuurkritiek speelt immers een belangrijke rol bij de leeservaring van mensen. Een groot deel van de mensen leest nog altijd een recensie van een roman voordat ze bepalen of ze deze roman gaan lezen of niet. Men vertrouwt dus op het oordeel van de ander, in dit geval de literatuurcriticus of literatuurkenner. Het is dan jammer om te zien dat de kunstkritiek onder druk staat door de bezuinigingen. De Raad voor Cultuur is van mening dat er opnieuw ruimte voor kritiek moet komen en die ruimte bestaat uit het vrijgeven van budget om vaktijdschriften te ondersteunen.[1]

Een van de meest uitgebreide discussies die in de Summerschool werd gevoerd, is de vraag of de toekomst van de kunstkritiek nog bij het vaktijdschrift ligt. Literatuur (vak)tijdschriften worden steeds schaarser en er is sprake van een overname op het internet. De ‘boekenblogs’ zijn niet meer weg te denken en platforms als Hebban en Goodreads zijn heel populair. Men krijgt dus steeds meer ruimte om een mening over een roman op het internet te plaatsen en men hoeft dus niet een literatuurstudie te hebben gevolgd om kritiek te uiten. Een nadeel van het internet is dat de kwaliteit niet altijd even goed is en dat er nauwelijks controle is over wat er wordt geschreven. Er valt echter ook wat aan te merken op de traditionele media, zoals kranten. Kunstkritiek in kranten is vooral op een ‘sterrensysteem’ gefocust, waardoor een recensent enkel een aantal sterren aan een werk geeft maar geen uitgebreide analyse geeft.

Het is dan goed om te zien dat veel literaire/culturele studies een nieuw jasje krijgen en mee bewegen met de ontwikkelingen in de samenleving. In Tilburg heet Algemene Cultuurwetenschappen tegenwoordig Online Culture. In 2016 veranderde in Utrecht de studie Literatuur en Cultuurkritiek in Literature Today. In deze vernieuwde studies leer je hoe cultuur en (digitale) media elkaar beïnvloeden en hoe je als toekomstig literatuurcriticus daar mee om kan gaan. De focus van deze vernieuwde studies ligt dus niet enkel op de kwaliteit van bijvoorbeeld een roman, maar studenten leren nu ook hoe ze een roman kunnen verbinden met ontwikkelingen in cultuur en in de samenleving. Dit zal ze in de toekomst helpen om de betekenis van een werk beter te begrijpen en dit voor het publiek zichtbaar te maken door het schrijven van recensies.

De toekomstige criticus staat dus voor een grote taak. Deze taak bestaat uit het creëren van tijd om een roman goed te analyseren en zich tijdelijk van de gehaaste samenleving af te sluiten. Daarnaast moet de toekomstige criticus, gezien de ontwikkelingen, na denken over manieren hoe ze de positie tussen de schrijver en het publiek kunnen behouden. De toekomstige criticus moet een evenwicht proberen te vinden in literatuurkritiek op het internet en in de traditionele media. Als echter blijkt dat literatuurkritiek zich in de toekomst alleen op het internet gaat afspelen, dan moeten ze er voor zorgen dat de kwaliteit behouden blijft. Dit begint bij een kritische zelfanalyse: Wat wordt er van de toekomstige criticus verwacht? En, wellicht de meest belangrijke vraag, wie dient de literatuurcriticus? De lezer of de literatuur?

Bronnen
[1] Van Irsel, T. (2015). Kunstkritiek in de 21ste eeuw. In: Het MEST magazine. Zie: http://mestmag.nl/opinie/kunstkritiek-in-de-21ste-eeuw

Reacties

2 comments on “De toekomstige literatuurcriticus”
  1. Chantal schreef:

    Je stelt hier interessante vragen waar ik zelf ook wel eens over nadenk. Ik heb me tijdens mijn opleiding vooral beziggehouden met de Italiaanse literatuur, maar ik koos ook voor algemene literatuurvakken en een minor media en cultuur. Ik koos voor de minor omdat alles juist aan het veranderen is. Ik denk dat door blogs iedereen kan kiezen wiens mening hij of zij vertrouwd. Voor een lezer zonder literaire kennis is het misschien wel fijner om de mening van iemand te lezen die juist geen professionele criticus is, maar voor bijvoorbeeld een boekhandel zal deze professional juist wel belangrijk blijven.

    Liked by 1 persoon

    1. Anna Husson schreef:

      Mooi verwoord, dank voor je comment!

      Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s