Er valt altijd wel wat te verbeteren

Aukelien Weverling (1977) is schrijfster, columniste en journalist. Tijdens haar studentenjaren kwam ze er al snel achter dat journalistiek eigenlijk niets voor haar was. In een artikel van Vrij Nederland schrijft ze: ‘Ik ben nu eenmaal niet zo van de waarheid’. Als student hoopte ze op ontmoetingen met ‘grote geesten’ en mensen die de wereld gingen veranderen of er een visie op nahielden. Dit gebeurde niet en ze werd zelfs door haar omgeving als mislukking gezien. Gelukkig kon Weverling haar energie kwijt in het schrijven. Haar succesvolle debuutroman Liever gekust (2002) was slechts een voorproefje op haar geweldige schrijfkunsten. Weverlings tweede roman, Politiek gevangene, dateert uit 2006 en in deze roman experimenteert ze met verschillende personages. Van de politiek correcte overgevoelige moeder naar de gevoelsarme meedogenloosheid van de vader. Weverling richt zich in deze roman op haar eigen generatie en voornamelijk op mensen die zichzelf buiten de maatschappij hebben geplaatst en zich niet meer kunnen aarden in de realiteit. De recensies benadrukken de harde toon van de roman, maar soms heeft een boek de hardheid nodig om lezers aan het denken te zetten.

In haar nieuwe roman In alle steden (2017) staat het leven van Bennie centraal. Bennie woont in een toekomstige samenleving waarin de wijken van de stad zijn opgedeeld naar inkomen. Wijk A is het rijkste deel van de stad en wijk G de armste. Bennie is geboren in wijk F, maar hij werkt zich op naar wijk C waar alles beter is en de gezondheidszorg mensen beter maakt. Bennie’s probleem is echter dat hij in het bezit is van een goed verstand en dat hij kritisch over zijn omgeving is. Bennie pleit voor een samenleving waarin iedereen bij elkaar woont en waar inkomen geen grote rol speelt. Zijn werkgever tolereert deze visie niet, met als gevolg dat Bennie weer in wijk F moet wonen. Deze benarde positie geeft Bennie echter motivatie om zichzelf zo snel mogelijk weer op been te krijgen. Hij neemt allerlei baantjes aan en in die periode ontmoet hij verschillende mensen die hem op allerlei manieren aan het denken zetten.

‘Ik schreef dat armoede de enige maatschappelijke spiegel is die ertoe doet en dat ziekte nooit een verantwoordelijkheid kan zijn, zolang niet iedereen precies hetzelfde heeft en bij machte is de juiste keuzes te maken. En dat vrijheid met duizenden beperkingen komt door achtergrond en overtuiging en daardoor voor niemand gelijk is en ook nooit zal zijn…’

De vergelijking tussen de geschetste toekomstige maatschappij in de roman en onze eigen maatschappij is al snel gemaakt. Neem bijvoorbeeld de gemonitorde burgers in de roman. Iedereen wordt in de gaten gehouden en mocht je iets verkeerd doen, dan staat ‘De verbetering’ al snel voor je deur. In realiteit hebben we te maken met de digitale revolutie waarin computers monitoren wat iemand online koopt, welke websites iemand bezoekt of zelfs wat iemand aan het doen is. Het lijkt alsof Weverling ons waarschuwt voor een toekomstige maatschappij waarin privacy geen enkele rol meer speelt. De stad die ze in de roman uiterst gedetailleerd beschrijft, is een voorbode voor wat ons eventueel te wachten staat.

Daarnaast focust het verhaal zich op de kloof tussen arm en rijk. Ondanks dat Bennie over een goed stel hersenen beschikt, werkt zijn achtergrond hem tegen. Geboren in een lage wijk betekent namelijk automatisch minder kansen om zijn dromen waar te maken. De oneerlijke verdeling in de maatschappij komt des te meer naar voren als Basel, de beste vriend van Bennie, op een onoprechte manier de studiebeurs ontvangt die Bennie door hard werken eigenlijk had verdiend. Hoeveel invloed deze gebeurtenis op het leven van Bennie heeft, wordt akelig duidelijk zodra de twee vrienden elkaar na jaren weer zien.

‘Een mens kan ook heel blij zijn om wat ie niet te verduren krijgt. Dat zijn ook zegeningen. Sommige mensen tellen ze niet, maar de afwezigheid van zaken die het leven bitter maken, ook dat zijn zegeningen’.

De uitwerking van personage Bennie is uitstekend door Weverling gedaan. We hebben al veel boeken kunnen lezen over personages dat lijden in een dystopische wereld, maar een dystopie met een optimistisch personage is nog weinig vertoond. Bennie heeft eigenlijk maar weinig redenen tot hoop: hij gaat van onzinnig baantje naar baantjes die hem zo weinig inkomen geven dat hij nauwelijks kan overleven, hij heeft een drankprobleem en de vrouw waar hij verliefd op is laat hem in de steek. Maar Bennie slaat zich er altijd doorheen. Zijn taalgebruik is zeer bijzonder en het is duidelijk dat Weverling daar veel tijd in heeft gestoken.

De dystopische samenleving die in de roman wordt geschetst, staat in contrast met het moedige en positieve karakter van Bennie. Het zware gemoed dat de lezer soms voelt, wordt gelukkig al snel afgewisseld met de positieve gedachten van de moedige Bennie die zich niet kapot laat maken door zijn omstandigheden. De boodschap van de roman lijkt dan ook dat niet de samenleving maar het individu de grootste invloed heeft op zijn of haar leven. Wees niet zo negatief en cynisch, maar richt je op de positieve aspecten uit het leven. Breng dus je eigen licht in de duistere wereld om je heen.

‘Zo kan het je dan toch maar gebeuren dat je als mens opeens gelukkig bent, want uiteindelijk is het weinig hoor, dat je ervoor nodig hebt. Een zonnetje, een bordje met eten en een plek waar ze er niet allemaal omheen staan’. 

Met dank aan uitgeverij Meulenhoff voor dit recensie-exemplaar!

Boekgegevens:
Titel: In alle steden
Auteur: Aukelien Weverling
Uitgeverij: Meulenhoff uitgeverij
Aantal pagina’s: 256
ISBN nummer: 9789029091169

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s